Home Morfine: fabels en feiten
In overleg met uw arts gaat u morfine gebruiken. Morfine behoort tot een groep geneesmiddelen, die morfineachtige pijnstillers of opioïden worden genoemd. Morfine wordt voorgeschreven om pijn te verlichten en minder vaak om benauwdheidsklachten te verminderen. Het gebruik van morfine kan bij u vragen oproepen. Deze pagina is bedoeld om die vragen te beantwoorden en u op de hoogte te brengen van fabels en feiten over morfine. Deze informatie heeft vooral betrekking op het gebruik van morfine bij pijn. Mocht u hierna nog vragen hebben, bespreek deze dan met uw arts.
In het algemeen is pijn een belangrijk waarschuwend signaal. Pijn ontstaat wanneer een beschadigd deel van het lichaam via gevoelszenuwen een ‘bericht’ stuurt naar de hersenen. Meestal verdwijnt de pijn als de oorzaak ervan is weggenomen. Maar soms kan de oorzaak niet worden weggenomen, zoals bij bepaalde soorten kanker, maar ook bij andere ziekten zoals reuma. Dan heeft de waarschuwende functie van pijn geen zin meer en is goede pijnbestrijding nodig.
Kortdurende, maar ook langdurige, ernstige pijn is vaak goed te verlichten met medicijnen. Pijn behandeling gaat meestal via een stappenplan. De pijnbehandeling wordt gestart met paracetamol en/of een middel als ibuprofen. Morfine wordt hieraan toe gevoegd als belangrijke volgende stap. Morfine zorgt ervoor dat het ‘bericht’ in de hersenen niet of minder sterk aankomt. Hierdoor voelt u de pijn minder.
Benauwdheid kan zich voordoen bij een slecht pompend hart en slecht werkende longen. Morfine is het meest effectieve middel om deze benauwdheid te verlichten.
Morfine is een krachtig middel waarmee veel ervaring is opgedaan. Er zijn al veel patiënten mee behandeld. Toch bestaan er nog de nodige onduidelijkheden over morfine. Over morfine bestaan tal van fabels die we voor u proberen te ontzenuwen.
Morfine werkt verslavend.
Verslaving is onder te verdelen in geestelijke en lichamelijke afhankelijkheid. Als u morfine als pijnstiller gebruikt, is de kans op geestelijke afhankelijkheid zeer gering. Een verslaving treedt op wanneer iemand zon der pijn morfine gebruikt, dan treedt er een bepaalde ‘kick‘ op. Deze ‘kick’ treedt niet op wanneer morfine de functie heeft om pijn te verlichten. Zoals bij bijna ieder geneesmiddel dat langdurig wordt gebruikt, is er wel sprake van lichamelijke gewenning aan morfine. Dit is op zich niet schadelijk. Alleen als het gebruik van morfine plotseling wordt gestaakt, kan dat zogenaamde ontwenningsverschijnselen veroorzaken.
Voorbeelden zijn: hartkloppingen, zweten, misselijkheid, braken en diarree. Deze verschijnselen kunnen worden voorkomen door de dosis geleidelijk te verlagen. Doe dit in overleg met uw arts.
Van morfine heb je steeds meer nodig.
De kans op verslaving aan morfine is zeer gering. De dosering morfine wordt alleen verhoogd wanneer de pijn toeneemt. De pijn bepaalt hoeveel morfine u nodig heeft. Daarbij is het goed om te weten dat de dosis van morfine in principe geen bovengrens heeft. Er zijn mensen die het honderdvoudige van de dosering waarmee ze gestart zijn, krijgen toegediend.
Morfine werkt levensbekortend.
Het is een misverstand dat morfine alleen wordt gegeven in het eindstadium van kanker. De veronderstelling dat morfine levensbekortend werkt, is niet juist. Morfine wordt niet voorgeschreven om de dood te bespoedigen. Ongeveer 25% van de morfine wordt gebruikt door patiënten met langdurige, chronische ziekten zoals reuma. Morfine kan dus jaren achtereen als pijnstiller worden voorgeschreven. Ook kan morfine tijdelijk worden gegeven en daarna worden afgebouwd, zoals na een operatie.
Morfine veroorzaakt ademhalingsmoeilijkheden.
Bij de behandeling van pijn met morfine spelen ademhalingsmoeilijkheden geen rol. Alleen zeer hoog gedoseerde morfine injecties in een ader kunnen problemen met de ademhaling veroorzaken. Benauwdheid kan juist reden zijn om morfine voor te schrijven, zoals in de inleiding is beschreven.
Van morfine word je suf.
Sufheid is een bijwerking die kan optreden tijdens de eerste dagen van de behandeling met morfine of na verhoging van de dosis morfine. Vaak wordt de innerlijke rust, die optreedt als men geen last meer heeft van pijn, verward met sufheid en slaperigheid. Omdat pijn geen spelbreker meer is, kunt u beter slapen en na enkele dagen weer op krachten zijn om zo mogelijk deel te nemen aan het sociale leven. Indien u suf blijft, neemt u dan contact op met uw behandelend arts.
Morfine heeft veel bijwerkingen.
De belangrijkste bijwerkingen zijn: sufheid, ver stopping (obstipatie), misselijkheid, duizeligheid en verwardheid. De meeste bijwerkingen gaan na enkele dagen tot weken vanzelf over als u gewend bent geraakt aan morfine. Over sufheid is al geschreven in deze folder. Verstopping komt vaak langdurig voor. Daarom zal uw arts altijd een laxeermiddel voorschrijven. Het is belangrijk dat u dit middel inneemt zolang u morfine gebruikt. Ook is het van belang om voldoende vocht en vezelrijke voeding te gebruiken als dat mogelijk is.
Misselijkheid komt regelmatig voor. Soms schrijft uw arts een middel voor om misselijkheid ten gevolge van morfine te voorkomen. Duizeligheid kan vooral optreden bij het opstaan uit bed of uit een stoel. Door rustig van houding te veranderen, kunt u hiermee rekening houden. Verwardheid komt soms voor. Verandering van omgeving en gebruik van andere medicijnen kunnen oorzaak zijn van verwardheid. Morfine kan daarbij een rol spelen. Een voorstadium van verwardheid kan zich uiten in levendige dromen en moeite hebben om droom en werkelijkheid uit elkaar te houden. Als deze signalen zich voordoen, is het goed om ze te melden aan uw behandelend arts.
Morfine achtige pijnstillers kunnen op verschillende manieren worden gegeven:
Heeft u nog vragen? Blijf daar niet mee rondlopen! Raadpleeg uw arts!