Wat is een angststoornis?
Iedereen is wel eens bang. Gelukkig maar, want angst waarschuwt je voor gevaar. Bijvoorbeeld als je een brandlucht ruikt. Je lichaam maakt zich klaar voor actie zodat je snel het vuur kunt blussen of kunt vluchten. Dit is een gezonde reactie.
Verschil tussen gewone en extreme angst
De grens tussen gewone angst en een angststoornis is moeilijk te trekken. Bang zijn voor slangen is verstandig. Maar als je verstijft bij het zien van een slang op televisie, dan is dat niet normaal. Bij een angststoornis is je angst extreem en niet realistisch. Daarbij kun je niet meer goed functioneren in je dagelijks leven.
Er zijn acht verschillende soorten angststoornissen.
Bijna 20% van alle Nederlanders heeft in zijn leven ooit last van een angststoornis. Vrouwen krijgen vaker een angststoornis dan mannen: 23% tegenover 16%. Hoe vaak hebben Nederlanders last van angststoornissen?
Hoe ontstaat een angststoornis?
Een angststoornis ontstaat door een combinatie van biologische, sociale en psychische factoren. Angststoornissen komen in bepaalde families meer voor dan in andere. Dat heeft te maken met erfelijkheid, maar ook met opvoeding.
Een angststoornis begint vaak na een ingrijpende gebeurtenis, zoals een sterfgeval, ernstige ziekte, verhuizing of ontslag. Maar ook leuke dingen zoals een huwelijk of de geboorte van een kind kunnen een aanleiding zijn. Ook je persoonlijke eigenschappen zijn van invloed, bijvoorbeeld: zijn: slecht voor jezelf opkomen, moeilijk gevoelens kunnen uiten, de neiging hebben problemen en conflicten uit de weg te gaan.
Accepteren
Een angststoornis gaat bijna nooit vanzelf over. Wacht daarom niet met hulp zoeken. Het belangrijkste is dat je toegeeft dat je een probleem hebt en daar iets aan wilt veranderen. Je kunt zelf en samen met mensen om je heen aan je angsten werken. Bijvoorbeeld met een zelfhulpboek of cursus op internet. Of zoek informatie en lotgenotencontact via een patiëntenorganisatie.
Hebben je klachten invloed op je dagelijkse leven? Ga dan naar je huisarts. Angststoornissen zijn vaak goed te behandelen met gedragstherapie en medicijnen.
Tips
- Probeer een goed beeld te krijgen van je angst en de invloed ervan op je leven
- Praat over je angsten met mensen in je omgeving, bijvoorbeeld met familie, vrienden of collega’s
- Bepaal welke klachten je hebt bij beginnende paniek- of angstgevoelens. Wat voel je en wat gebeurt er in je lichaam?
- Praten of schrijven over je gevoelens is belangrijk. Op deze manier krijg je een goed beeld van je angstklachten en kun je er aan werken
- Geef zo min mogelijk toe aan de angst. Confronteer jezelf juist met angstaanjagende situaties. Wees voorbereid op de lichamelijke klachten die je kunt krijgen en besef dat de paniek weer over gaat. Dan merk je dat de onrust, het trillen en zweten na een tijdje weer wegzakken
- Kom je er zelf niet uit? Ga dan naar je huisarts. Of bezoek via je werk een arbo-arts.
Therapie helpt
Neem voor uitgebreide informatie over therapie contact op met de I
nformatieservice van Lentis.
Informatie
Voor meer informatie over angststoornissen en de behandeling ervan, kunt u contact opnemen met de Informatieservice van Lentis.
Meer lezen
Zorgboek Angst, Fobie en PaniekInformatie over medische achtergronden en behandelingen
E.H. Coene en S. Kollaard (eindred.), 2003
ISBN 9789072248695
Dat durf ik nietOver angsten en fobieën
T. IJzermans en A. Heffels, 2000
ISBN 9789060096260
De angst de baasUit de greep van de angst
F. Winter, 1998
ISBN 9789055132232
Angstmanagementtraining Op eigen kracht je angst inperken
H. Hermans, 2002
ISBN 9789026517020
Leven met een fobie
Oorzaken, behandelmogelijkheden en zelfhulptechnieken voor fobieën
J. Hoevenaars, 2002.
ISBN 9789031339112