Autisme

Wat is autisme?

Autisme is een ontwikkelingsstoornis, waarbij er iets misgaat in de hersenen. Alles wat iemand met autisme hoort, ziet, ruikt en voelt verwerkt hij/zij op een andere manier. Er komt veel ’losse’ informatie binnen. Daardoor wordt het moeilijk om er een logisch geheel van te maken en het lastiger om de wereld waarin wij leven te begrijpen.

Mensen met autisme zijn vaak gevoeliger (of juist minder gevoelig) voor bepaalde prikkels, zoals geluid of pijn. Ook kunnen door autisme extra psychische problemen ontstaan, bijvoorbeeld dwangmatig gedrag of een depressie. Verder hebben mensen met autisme vaker last van angsten en woedeaanvallen. Ongeveer 20% heeft een verstandelijke beperking.

Helaas zijn er geen medicijnen om autisme te genezen. Maar voor de andere problemen, zoals dwangmatig gedrag, depressie of angst bestaan er wel medicijnen.

Contact maken met anderen

Iemand met autisme kan moeilijk contact maken. Dit komt doordat hij/zij zich moeilijk in kan leven in anderen. Sommige mensen met autisme maken helemaal geen contact met anderen. Anderen zoeken wel contact, maar praten dan met name over wat hen zelf bezighoudt. Het contact bestaat uit ‘eenrichtingsverkeer’.

 

Communicatie en taal

Mensen met autisme nemen woorden vaak letterlijk. Ook hebben ze moeite om indirecte, non-verbale taal te begrijpen. Dit zijn bijvoorbeeld gezegden, gebaren of gezichtsuitdrukkingen. Ook zijn er mensen met autisme die op een aparte manier praten. Ze gebruiken bijvoorbeeld een vreemde stem of rare woorden, of herhalen veel.

 

Voorstelling en fantasie

Iemand met autisme vindt het moeilijk om een goede voorstelling te maken van iets dat nu niet aanwezig is. Hierdoor is het moeilijk om zich ergens op voor te bereiden of om iets te verwerken. Vaak hebben mensen met autisme weinig fantasie, of juist te veel. Dat laatste kan angstige gedachten opleveren.

 

Interesses en activiteiten

Mensen met autisme hebben vaak interesse voor maar één of twee voorwerpen, activiteiten of gedachten. Ze kunnen eindeloos hetzelfde doen. Bijvoorbeeld de kraan open- en dichtdraaien, dezelfde muziek luisteren of steeds over hetzelfde onderwerp praten zoals landkaarten of dinosaurussen.

Autisme komt voor bij 0,6% tot 1% van de Nederlandse bevolking.
Dit zijn 90.000 tot 160.000 mensen.

Hoe ontstaat autisme?

Autisme is voor 90% erfelijk bepaald. Autisme is bij de geboorte al aanwezig. In ernstige gevallen kan autisme op twee- of driejarige leeftijd al vastgesteld worden. Maar meestal gebeurt dit pas op basisschoolleeftijd of soms nog later.

 

Autisme komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. Dit komt waarschijnlijk doordat vrouwen beter beschermd zijn tegen erfelijke aandoeningen.

Klassiek autisme

Klassiek autisme wordt ook kernautisme of Kannersydroom genoemd. Mensen met klassiek autisme kunnen de volgende problemen hebben:

  • Problemen in de omgang met mensen
  • Geen oogcontact maken
  • Knuffelen of aanraken vinden ze niet fijn
  • Gezichtsuitdrukkingen zeggen hen weinig
  • Moeite met taal. Ze beginnen vaak pas op latere leeftijd met praten
  • Voor één of enkele dingen interesse hebben
  • Rituelen hebben. Verandert daar iets in? Dan raken ze in paniek
  • Het continu herhalen van bepaalde bewegingen, bijvoorbeeld ‘wiegen’, of het maken aparte bewegingen zoals ‘fladderen’

Syndroom van Asperger

Iemand met het syndroom van Asperger heeft veelal dezelfde klachten als iemand met klassiek autisme, zoals moeite om echt contact te maken met anderen en opvallende beperkte interesses en activiteit. Het verschil met klassiek autisme is de spraakontwikkeling. Deze is normaal tot goed ontwikkeld. Wel praat men op een aparte, wat plechtige manier. Ook ontstaan er vaak problemen met subtiele communicatie en lichaamstaal. Figuurlijke taal wordt bijvoorbeeld als letterlijk begrepen.

PDD-NOS

PDD-NOS is de afkorting voor Pervasive Development Disorder Not Otherwhise Specified. Dat betekent: pervasieve ontwikkelingsstoornis, niet nader omschreven. Er wordt vaak gezegd dat iemand met PDD-NOS een lichte vorm van autisme heeft. Dit betekent niet dat het een minder ernstige vorm is. Veel mensen met PDD-NOS zijn extreem gevoelig voor ‘prikkels’ uit de omgeving. Ze kunnen last hebben van achtergrond- geluiden die anderen niet eens horen. Voor hen is het moeilijk om normaal om te gaan met leeftijdsgenoten. Ze sluiten moeilijker vriendschap en vinden het lastig om hun dagelijks leven en vrije tijd in te vullen.

McDD

McDD is de afkorting van Multiple-complex Development Disorder. Dat betekent: meervoudig complexe ontwikkelingsstoornis. Mensen met McDD hebben de problemen die bij PDD-NOS horen. Daarnaast hebben zij moeite om hun emotie onder controle te houden. Daardoor zijn ze extreem angstig of hebben ze problemen om hun woede onder controle te houden. Sommigen kunnen de werkelijkheid en fantasieën niet goed meer uit elkaar houden.

Gesprekken en tests

Tegenwoordig wordt wel gezegd dat autisme een ‘modeziekte’ wordt. Maar het stellen van de diagnose gebeurt niet van de ene op de andere dag. Autisme is niet met een simpele bloedtest of scan aan te tonen. De diagnose moet een psychiater of psycholoog stellen. Hij doet dat onder andere met gesprekken en tests. Verder heeft de psychiater of psycholoog een lijst met criteria. Heeft iemand de gesprekken en tests gedaan? En voldoet iemand aan de criteria van de lijst? Dan pas kan hij de diagnose autisme stellen.

Ben je een volwassene en herken je de klachten?

Neem dan contact op met de Informatieservice van Lentis.

Gaat autisme ooit over?

Nee, autisme gaat nooit over. De diagnose heeft dan ook veel invloed op iemand zijn leven. Maar ook voor ouders, kinderen, vrienden en kennissen kan het voor veel problemen zorgen. Daarom is het belangrijk de diagnose autisme niet onder te schatten. Vaak zie je niets aan mensen die autisme hebben. Maar gebeurt er in hun hoofd veel. Begrip tonen is erg belangrijk. 

Ken je iemand met autisme? Lees deze praktische tips:

  • Bedenk dat mensen met autisme de sociale regels vaak niet begrijpen. Wordt niet boos als een kind met autisme je niet vriendelijk begroet met een lach of een hand. Of vraag zelf om een kopje koffie als je dat niet krijgt wanneer je op visite komt.
  • Bedenk dat iemand met autisme niet onbeleefd wil zijn als hij/zij je niet aankijkt.
  • Verwacht geen reacties op je emoties. Verwacht bij verdriet geen arm om je schouder. Of bij goed nieuws veel blijdschap.
  • Verwacht geen reactie op je non-verbale communicatie, zoals een boze gezichtsuitdrukking of gebaren. Als je wilt dat iemand reageert op wat je zegt, vraag er dan specifiek om (‘luister naar wat ik vertel’). Benoem altijd letterlijk wat je wilt of voelt.
  • Leg altijd uit wat je wilt gaan doen. En vraag daarna of hij je goed heeft begrepen voordat je iets doet.
  • Schreeuw niet of praat niet met een harde stem. Mensen met autisme kunnen hier heftiger van schrikken dan anderen.
  • Raak iemand met autisme niet aan als dat niet nodig is. De meesten worden niet graag aangeraakt.
  • Bedenk dat veel mensen met autisme zich niet express ‘anders’ gedragen. Hij/zij kan er ook niets aan doen.
  • Stel eenvoudige vragen. Bijvoorbeeld: Een moeder moet haar zoon en een klasgenoot met autisme naar voetbaltraining brengen. Ze zegt niet: ‘Ga je mee?’ Maar zeg: ‘Je moet naar voetbaltraining. Ik breng je vandaag met de auto naar de club. We vertrekken over vijf minuten, dus trek je jas aan. Je vriendje Jasper gaat mee’.
  • Gebruik geen taal met een dubbele betekenis. Het woord ‘vliegangst’ kan bijvoorbeeld opgevat worden als ‘bang zijn voor een vlieg’.
  • Geef mensen met autisme extra tijd om je informatie op te nemen.
  • Vraag altijd of hij je begrepen heeft.
  • Gebruik zoveel mogelijk schema’s, agenda’s, bewegwijzering en geschreven instructies om iets duidelijk te maken.
  • Vertel of vraag één ding tegelijk.
  • Vermijd sarcasme.
  • Vermijd onoverzichtelijke en onvoorspelbare situaties. Bijvoorbeeld:
    - Lange rijen wachtende mensen, zoals bij een kassa.
    - Veel mensen bij elkaar, zoals op een markt of braderie.
    - Lawaaiige omgeving, zoals een zwembad, pretpark of festival.

Informatie

Voor meer informatie over autisme en de behandeling ervan, kunt u contact opnemen met de Informatieservice van Lentis.

Meer lezen

Mijn kind heeft autisme. M. H. Vermeulen & Peter Vermeulen. 2006, Uitgeverij Terra Lannoo bv, Arnhem. ISBN 9789020966329.

 

Over autisme en communicatie. Peter Vermeulen. 2001, Uitgeverij Epo, Antwerpen. ISBN 9789064452215.

Brein bedriegt. Als autisme niet op autisme lijkt. Peter Vermeulen. 1999, Uitgeverij Epo, Antwerpen. ISBN 9789064451270.

Ik en autisme. Nathalie van Kordelaar & Mirjam Zwaan. Uitgangspunt van dit boek is dat kinderen en jongeren met een autisme spectrum stoornis aan anderen kunnen duidelijk maken wat hun autisme inhoudt, waardoor meer begrip ontstaat. 2009, Uitgeverij SWP BV, Amsterdam. ISBN: 9789085605300.

Meer kijken

Onderstaande dvd's komen uit de serie de serie ‘Autisme, een leven lang’ van de NVA. Gemaakt door Wonderland Film.

  • 'Een verrassend begin, over kinderen met autisme’
  • ‘Een Zinnen prikkelend leven, over pubers met autisme’.

 

Kijk voor meer boeken en dvd’s op autismeboek

Mist u informatie? Of denkt u dat iets beter kan? We horen het graag. Belt u dan met Jolanda Valk. tel. 050-521 47 27. Mailen kan ook: jm.valk@lentis.nl

Contactgegevens

Dignis
Postbus 8089
9702 KB GRONINGEN

Voor algemene vragen:

Telefoon 088 114 65 65
E-mail dignis@lentis.nl